Niets aan gedaan, nooit iets veranderd

Zij zou haar interviewen voor een schoolopdracht. Een social media-project dat gebruik zou maken van enquêtes en zou beargumenteren met behulp van citaten van ondervraagde mensen en laat in de avond zou worden doorgelezen door een professor die niet gespecialiseerd was in dat soort dingen maar de lessen New Media gaf omdat er nu eenmaal geen mensen waren te vinden die zoiets konden of wilden.

Ze hadden afgesproken in haar huis, in Brabant, in de straat waar zij zo vaak langs was geweest om te spelen en televisie te kijken en om Jennifer Aniston films te janken tot ze daar te oud voor waren en beiden op zoek gingen naar acceptabelere (of comfortabelere) vrienden.

Ze hadden elkaar al jaren niet in het echt gezien, of gesproken, alleen gechat en gemaild, maar het voelde niet als jaren want tijden die je doorbrengt met het spelen van een rol worden pas laat in het leven als verspild beschouwd.

Zij kwam binnen met korter haar, bredere heupen en een dunnere taille. Met koffievlekken op haar tanden maar een bredere lach en minder prut onder haar nagels. Ze was een vrouw aan het worden, nog net niet het eindresultaat, maar dat is ook zo mooi aan jongvolwassen mensen.

Aan de keukentafel begonnen zij de introductie. Leeftijd, geslacht en huwelijke staat werden half beschaamd opgenoemd, er werden grappen gemaakt over de beschreven studiekeuzes, er werd spottend geproost op de enorme ontwikkeling die was doorgaan met kruidenthee en daarna werd er in stilte een zandkoekje gegeten.

Er werden herinneringen opgehaald. De kapsels van de basisschool en de vetrollen van de middelbare, de vriendjes die de één niet had gehad en de ander wel, de boeken die ze hadden gelezen en de dronken nachten die zij alleen via twitter van elkaar kenden. Ze streelden de oude hond die hun ontpopping had overleefd en toen begon de één te grienen en de ander viel stil want zij waren beiden eenzaam geweest, ondanks de liefde en de ervaring en de vernieuwingen. Zij waren ondanks de ronde borsten en lege flessen wijn, ondanks de kleine maar goed rijdende auto en het succes op de studie en de kamer in het centrum van de stad zo alleen geweest dat het pijn had gedaan, dat ze ervan schimmel in hun matrassen hebben gejankt, dat ze er films van uit hun hoofd kenden en kleuren bij hadden bedacht. Zij waren beiden eenzaam geweest omdat zij zowel met als zonder elkaar niet warmer werden, maar hun wereld juist steeds kouder leek, omdat zij lijstjes van bedpartners niet nodig hadden maar ook wisten dat wanneer ze die wel hadden kunnen maken het alleen maar schrijnender was geweest, omdat zij oplettend waren en de mensen om hun heen kenden die een vollere borstkas hadden dan zij. Zij pakten elkaars handen en vielen stil of grienden want zij hadden in een handvol jaren samen een boom zien groeien en omgehakt zien worden en zij waren aan het kale zicht gewend geraakt, en op die manier aan al die andere kale zichten, aan de meeuwen boven het vuil op straat en de dreigende verscheuring met de kinderen die hun al mevrouw noemden.

Zij hadden zichzelf in andere, oudere, vrouwen gezien en hun hart als een steen voorbij hun ribben voelen klotsen en geweten dat zij hun kinderen ook zouden gaan verpesten, omdat er een aantal beestjes eitjes in hun hersens hadden gelegd die zij niet meer via hun oren eruit konden pulken en zij zouden te moe zijn om niet aan het gezwel toe te geven. Zij wisten dat zij nooit het einde van een neerwaartse spiraal zouden zijn omdat zij niet dapper genoeg waren om ergens het begin of einde van te zijn, dat is immers vaak hetzelfde.

Zij grienden tot de theemokken overliepen van het zurige concentraat van lang bewaarde tranen die uit poelen kwamen waarvan zij nooit zouden weten hoe diep de bodem was en zij waren dan weer stil omdat zij tegelijkertijd zagen hoe hun oceaan van immens onbelangrijk verdriet de rivieren niet deed overstromen en de bergen niet deed verpulveren tot de heuvels van woestijnen en zij schaamden zich hiervoor, tot de nieuwe golf van acceptatie kwam.

‘Mag ik je kussen om de kracht van het impuls te voeden?’ vroeg zij en ze leunde voorover met haar ogen dicht, haar wangen nat van tranen en huid rood van het zouterige water. En de ander dook met haar tong in haar mond en probeerde langzaam en ijverig het verdriet eruit te lepelen maar het hielp niet.

Zo kwam het interview er niet en bleef de hond miserabel blaffen en werd de thee steeds bruiner en de geur van snot en schaamte ondraaglijker en zij besloten naar buiten te gaan, naar de speeltuin met de gammele schommels en zij schommelden, kijkend naar de lucht die veranderde zoals die dat altijd doet, de wolken die grijs en wit en blauw waren en ze dachten aan wat ze hadden en wat het leven precies voor hun was en zij huilden niet meer want in de wind worden tranen veel te koud.

Zo haalden zij zichzelf opnieuw een stap verder uit het leven, door te kiezen voor de onrealistische wegen van het relativeren in plaats van de krullende bochten uit de verhalen die zij niet meer geloofden. Hoewel het allemaal niet beter of aangenamer was of zou worden moesten zij vooruit want een mensenleven kan maar één kant op gaan.  Ook bitterheid is een brandstof.

Posted 5 months ago with 2 Notes
#[P]